Soms komt het wel eens voor dat het mensen opvalt dat ik -in vergelijking- met vroeger meer aan de schoolpoort te zien ben om de kinderen af te halen dan in het verleden.

Een vriendelijke knik of een glimlach van andere ouders die je (her)kennen is daarbij mooi meegenomen.
Een enkele keer valt het voor dat iemand ook de vraag stelt hoe het komt dat ik daar meer aanwezig ben.

Even kort de situatie:

In het verleden was ik verantwoordelijk binnen een bedrijf in de retailsector.
Een leuke job met de verantwoordelijkheid over zo’n 10 mensen. Ik ben in die functie gekomen toen ik net getrouwd was en er geen kinderen waren.
Tijden veranderen en alzo is ons gezin gaan uitbreiden met 2 lieve kinderen. Een jongen en een meisje, by the way 🙂

De druk in deze sector en in vele andere is stelselmatig de hoogte in gegaan zonder dat er ook maar eens aan gedacht wordt dat er een mens achter de functie zit.
Hoe lang is het geleden dat je baas plaats nam naast je en gemeend vroeg “Hoe gaat het met je?” En ik heb het niet over de ongeïntreseerde vraag “Oe wist?”
Ik zal het kort samenvatten, maar in de loop van de tijd ben ik gaan inzien dat ik die druk niet meer aankon en eigenlijk ook niet meer wilde. Het klinkt misschien arrogant, maar ik hoef die druk niet!
Ze is voor niets nodig, heeft volgens mij een averechts effect en doet meer kwaad dan goed.

Na enige tijd heb ik de moed bij elkaar kunnen sprokkelen om mijn leidinggevende te laten weten dat ik de stap van demotie ging zetten. Demotie is het omgekeerde van promotie welteverstaan.
Let vooral op de woorden ‘moed bij elkaar sprokkelen’, want het is -vooral psychologisch- geen simpele beslissing om toe te geven dat het eigenlijk niet meer aankunt.
Die leidinggevende heeft deze vraag van mij goed opgenomen en in een mum van tijd was alles dan ook in kannen en kruiken. Zo snel zelfs dat ik begon te denken dat ze blij waren dat ik zelf de stap heb genomen. Als jullie begrijpen wat ik bedoel 🙂

Ondertussen zit ik een jaar in de lagere functie en voel ik me kiplekker. Hier in België bestaat zoiets als ouderschapsverlof. Toen ik ‘gezakt ben in rang’ heb ik dan ook de aanvraag tot het opnemen van het ouderschapsverlof gedaan.
Hier was de reactie wat minder, maar ach: ‘Ik heb het ook niet uitgevonden’

Ik krijg en kreeg dan ook een diversiteit aan reactie’s.
Zo zijn er mensen die met jaloerse blikken kijken omdat ze zelf niet in de mogelijkheid zijn om de stap te zetten. Wat natuurlijk jammer is.
Er zijn er evenveel die met medelijdende ogen naar me kijken omdat ik heb moeten toegeven dat ik het niet meer wilde.
MAAR, de derde soort blikken. Daarvoor heb ik het uiteindelijk gedaan. En dat zijn de blikken van mijn kinderen die een gelukkige papa hebben die extra tijd heeft voor hen.

4 thoughts

  1. prachtig stukje ,, ik ben het helemaal met je eens ,..ik werk zelf sinds zo’n 5 jaar een dag minder , dus 4 dagen in de week , en ja ,..financieel lever je in ,maar je kunt je kinderen maar 1 keer zien opgroeien ,en voor je het weet zijn ze volwassen en gaan ze de deur uit

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s