10 moestuinfouten die zelfs gevorderden nog maken


Het kweken van je eigen groenten en kruiden is een leuke en lonende manier om je gezin te voorzien van verse groenten.
Maar helaas gaan er soms dingen mis. Hier is een lijst met veelvoorkomende fouten die je beter kan vermijden om uw moestuin in topvorm te houden.

Of je nu twee of twintig jaar tuinier bent, fouten in de tuin zijn onvermijdelijk. Er zijn echter enkele fouten die gemakkelijk kunnen worden vermeden. Neem even de tijd om uit te zoeken welke fouten je kan vermijden; door deze fouten te vermijden, kan de oogst van dit jaar nog je wel eens je beste oogst worden.

1. Te vroeg planten

Tegen de tijd dat de lente eindelijk is aangebroken, begint het te kriebelen en willen de meeste tuiniers, ook ik, graag terug naar de tuin.
Maar hier leven we nu eenmaal in een klimaat waar de temperaturen ook in het voorjaar nog onder het vriespunt kunnen dalen.
Vermijd daarom om te vroeg van start te gaan met gevoelige zaden zoals tomaat, komkommer, meloen, aubergine en pepers.
Deze groenten moeten onder bescherming blijven tot de nachtelijke temperaturen minimaal 12 graden Celcius blijven. Als je ze toch wat voorsprong wilt geven, plant ze dan in een kweekbak, onder een cloche of een andere soort bescherming.

2. Planten te dicht planten

Sommige bladgroenten, zoals spinazie, rucola en boerenkool, groeien niet graag dicht op elkaar.
De meeste groenten doen het het beste wanneer ze niet te dicht bij elkaar worden geplaatst.
Tomaten, bijvoorbeeld, hebben een goeie luchtcirculatie nodig om gezond te blijven, dus zorg ervoor dat ze, volgroeid, minimaal 50 cm uit elkaar staan.
Als je ze te dicht tegen elkaar plant, is de kans groter dat uw planten worden getroffen door problemen zoals schimmel.
Andere groenten die een beetje meer ademruimte nodig hebben, zijn broccoli, bloemkool, aubergine, suikermaïs, aardappelen en paprika’s.

3. Te veel of te weinig water geven

Consistent water geven is essentieel voor een goede oogst. De meeste gewassen doen het prima als ze ongeveer een centimeter water per week ontvangen.
Koop daarom een regenmeter om de regenval te meten en gebruik een druppelsysteem of tuinslang (of gieter) om het tekort aan water tijdens droge periodes op te vangen.
Planten die niet voldoende water hebben zullen duidelijke tekenen van verwelken en gele bladeren krijgen. Ook zullen de vruchten klein of misvormd zijn.
Groenten die te veel water krijgen zullen over het algemeen goed doen zolang je grond goed afvloeit. Hoewel meloenen en tomaten kunnen barsten als het water geven niet correct gaat.

water

Correct bewateren is één van de belangrijkste aandachtspunten.

4. Onvoldoende zon

Groenten en kruiden hebben minimum zes uur direct zonlicht nodig om goed te presteren. Sommige bladgewassen zoals sla en spinazie kunnen wel in halfschaduw worden gekweekt. Als je geen zonnig stuk grond hebt voor een traditionele moestuin, probeer dan te tuinieren in bakken of potten die je kunt verplaatsen om te kunnen profiteren van de zon die je hebt.
Groenten geteeld in schaduwrijke omstandigheden produceren over het algemeen geen vruchten, of als ze toch een iets produceren, is het kleiner en minder smaakvol dan in de volle zon.

5. Vergeten om de grond te verbeteren

Een goede bodem is de sleutel tot het succes in elke tuin en is vooral belangrijk wanneer u groenten aan het kweken bent. Groenten zijn grote verbruikers, dus als je je grond niet verbetert met enkele centimeters compost, mest of bladcompost, zullen je gewassen het waarschijnlijk niet zo goed doen.
De beste tijd om je bodem te verbeteren is in het vroege voorjaar, direct nadat het is uitdroogt.
Neem een handvol grond in je hand en knijp het in je handpalm. Als de grond een dikke massa vormt, is het nog steeds te nat om in te werken. Als het zijn vorm vasthoudt maar gemakkelijk uit elkaar, is hij klaar om van start te gaan.
Verspreid enkele centimeters organisch materiaal over het oppervlak van de grond en werk het in.

6. Onkruid laten overnemen

Het is waarschijnlijk geen verrassing dat onkruid je gewassen zal gaan verstikken en met hen in gevecht gaat om vocht en voedsel in te pikken.
Maar wist u dat sommige onkruidzaden tientallen jaren in de grond kunnen blijven zitten?
Daarom is het erg belangrijk om onkruid te verwijderen zodra je ze de kop ziet opsteken.
Als je slechts één onkruidje toelaat om te groeien en in zaad te komen, zul je merken dat je jarenlang tegen hetzelfde probleem aanloopt.
Om onkruid op een afstand te houden, begin je met het uitspreiden van mulch over de grond direct na het planten. Als er dan onkruid door de barrière van mulch begint te komen, verwijder deze dan met de hand of gebruik een scherpe schoffel die de planten bij de wortels afsnijdt. Vermijd vooral het gebruik van chemische herbiciden, vooral in een voedseltuin!

brandnetel

Brandnetels kunnen snel gaan overwoekeren

7. Het verkeerde planten

Het loopt gemakkelijk uit de hand als het gaat om het kweken van groenten en kruiden.
Het idee en romantisch beeld van het oogsten van grote manden met heerlijke, verse producten kan u verleiden om gewassen te planten die je eigenlijk niet echt lekker vindt.
Als uw kinderen bijvoorbeeld geen groene bonen eten , plant ze dan niet en gebruik dan die ruimte in uw tuin om groenten te laten groeien waar iedereen van kan genieten. Of leer ze groene bonen te eten 😉
Er is geen enkele reden om alles wat je in de zadencatalogus vindt te laten groeien als je echt alleen wat tomaten, sla en paprika’s nodig hebt.


8. Je gewassen laten verhongeren

Groenten zijn niet magisch; ze produceren geen vruchten op zichzelf en groeien niet zonder de juiste voeding.
Naast het bewerken van de grond met compost, is het een goed idee om nog wat extra compost toe te voegen elke keer dat u een nieuw gewas zaait of oogst.
Meststoffen met langzame afgifte, zoals koemestkorrels, zijn ook nuttig en zullen uw planten tot 90 dagen voeden.
Verdeel de korrels simpelweg rond uw planten volgens aanbeveling op de verpakking, en elke keer dat het regent krijgen uw plantjes wat fastfood.
Let er wel op dat je je planten niet gaat over bemesten.
Sommige gewassen zoals tomaten zullen meer blad dan fruit gaan produceren als ze te veel stikstof krijgen.

9. Geef onvoldoende ondersteuning

Nee hoor, geen paniek. Psychologische gesprekken met je groenten zijn niet nodig.
Maar groenten zoals tomaten, komkommers, bonen en meloenen doen het het best wanneer ze kunnen groeien met ondersteuning die voorkomt dat de vruchten de grond raken. Maak gebruik van tomatenspiralen, hekkens, draad, stokken of wat je maar kan vinden.
De steunen helpen om de gewassen gezonder te houden door voor een betere luchtcirculatie te zorgen. Ook blijven de vruchten gezonder en properder doordat ze niet in de aarde liggen.

10. Geef plagen geen kans

Houd insectenplagen op een afstand door uw gewassen minstens één keer per week te inspecteren. Neem een paar minuten de tijd om zowel de bovenkant als de onderkant van de bladeren te bekijken en elke plaag die je ziet zo snel mogelijk te verwijderen.
Zodra ze voet aan de grond krijgen, duurt het niet lang voordat insectenpopulaties ontploffen en een volledig gewas vernietigen.
Houd er rekening mee dat de meeste insecten alleen een bepaald soort gewas aanvallen, dus als je geen schade aan je tomaten ziet, kan je courgettes op een paar meter afstand worden aangevallen.
Het goede nieuws is dat de meeste plagen kunnen worden uitgeroeid door waakzaam te zijn en met de hand te verwijderen.
Maar als je merkt dat je vecht tegen een gans leger van plagen, gebruik dan een biologisch bestrijdingsmiddel om te spuiten op je gewassen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: